TOPAZ Nummer 7 / 2003
Welkom
Beelden van het innerlijk
In de geest van de Olympische spelen
Persoonlijke ontwikkeling
Filmfragmenten
Healing - in de waarden en doeleinden van het leven
Hoe ik leerde slakken te waarderen
Theaterfestival - het Spectrum van het Leven
Kinderen met ADHD winnen zelfvertrouwen
Een originele kleurencombinatie voor ADHD lokalen
Wetenswaardigheden over kleur

Hoe ik leerde slakken te waarderen

Ontdekkingen en onderzoek in de tuin

Slakken horen waarschijnlijk tot de meest zichtbare en ergerlijke plagen voor de tuinier die zonder gif werkt. Regelmatig doen het veelzeggende slijmspoor en de overblijfselen van een bedje sla of hoekje stokbonen een aanslag op je moreel. Het idee mijn eigen voedsel te kweken stond me zeer aan, maar tot twee jaar geleden kwam daar niks van terecht, zelfs niet bij zogenaamd simpele gewassen als spinazie of sla. De reden voor dit feilen lag vooral in het bestaan van die vermaledijde slijmjasjes en -jurkjes. Met tegenzin deelde ik mijn aardappelveldje met de weekdieren des velds. Mijn tomaten en stokbonen werden omringd met indrukwekkende vestingwerken (slotgrachten, verhogingen, koperen struikeldraden, afgezaagde plastic flessen en stukken afvoerpijp die dienst deden als kragen rond de planten) tot ze robuust genoeg waren om zonder hulp te overleven. Het was een voortdurend gevecht. Ik plette de kleine slakjes die ik rond planten vond die ik wilde houden en mikte de grotere in het compostvat, er van uitgaand dat ze daar iets nuttigs konden kauwen.

Hoe het ook zij, ik had een donkerbruin vermoeden dat de remedies die ik toepaste alleen gericht waren op de symptomen en niet op de oorzaken. Wat beweegt slakken er toe zo veel schade aan te richten? Vorig jaar stuitte ik bij toeval op een mogelijke verklaring.

Om redenen die niets met slakken te maken hadden begon ik in het voorjaar van 2001 koperen tuingereedschap te gebruiken. Vanaf augustus zag ik dat de aardappelplantjes het goed deden en dat schreef ik toe aan de kwaliteit van de mest en het feit dat ik ze met gemaaid gras had aangeaard. Er groeiden zoveel aardappels dat ze zich door de grond heen omhoog werkten en dus begon ik ze weg te plukken, waarbij ik probeerde de wortels niet te beschadigen. Toen, als altijd optimistisch, zaaide ik slazaden in de kas. Een week later begonnen ze te groeien en op een avond laat ging ik met mijn zaklantaarn op jacht. Ik vond twee grote slakken die ik oppakte en in het compostvat deponeerde. Tien dagen later waren de slakroppen er nog steeds en dat was zo'n verrassing dat ik niet wist wat ik ervan moest denken. Ik vergat het ook meteen weer. Eind augustus oogstte ik mijn aardappels en op dat moment realiseerde ik me dat er iets ontegenzeggelijk vreemds gaande was. Zelfs na een aantal maaltijden met de aardappels die ik geoogst had was er nog 36 pond aardappels over in het aardappelbed. Van de hele oogst hadden maar 6 aardappels slakschade.

Het mirakel duurde voort in 2002. Mei was warmer en natter dan gemiddeld in Engeland en het was niet verbazingwekkend dat er grote aantallen slakken werden gerapporteerd door veel tuiniers. In mijn tuin, ondanks het feit dat de meeste Cosmea uit de bloementuin verdween, had ik dat voorjaar een gigantische spinazieoogst. De stokbonen overleefden (min vier) zonder enige vestingwerken. Ik zag slijmsporen in de kas, maar de tomaten waren onaangeraakt. In juni 2002 passeerde ik een persoonlijke mijlpaal: Ik gooi geen slakken de kas meer uit. Wat is er gaande? Een mogelijke sleutel ligt in het feit dat slakkenbloed hemocyanine bevat, gebaseerd op koper, terwijl mensenbloed is gebaseerd op ijzer, hemoglobine. Wat voor effect zou dat hebben op het gedrag van een slak?

Misschien is het wel dankzij het voorkomen van hemoglobine in ons bloed dat mensen in staat zijn om te kunnen denken. De circulatie van het ijzer in bloed door ons lichaam vormt de basis van een onafhankelijk elektromagnetisch veld. IJzer kan worden gemagnetiseerd, dus het ene stuk ijzer kan een ander magnetisch veld hebben dan het andere. Deze eigenschap van ijzer in bloed maakt het ons mogelijk andere gedachten en andere gevoelens te hebben dan iemand die naast ons staat. Hoewel we binnen het magnetische veld van de aarde leven hebben we toch de mogelijkheid om ons eigen onafhankelijke veld daarin te bewaren.

Het zou een ander scenario zijn als ons bloed op koper was gebaseerd. Koper is niet-magnetisch en zeer geleidend, we zouden dan geen onafhankelijk veld hebben. In plaats daarvan zouden we ons intens gewaar worden van elektromagnetische variaties van buiten af. We zouden onvoorstelbaar gevoelig zijn voor verschillen in het magnetische veld van de aarde en we zouden gedwongen zijn erop te reageren. We zouden niet in staat zijn tot enige onafhankelijke actie.

Misschien wordt het gedrag van slakken hierdoor bepaald. Ze worden niet door mijn vers geplante slazaailingen aangetrokken, maar reageren op de verstoring die zich in de grond heeft afgespeeld. De verstoring zou kunnen bestaan uit het magnetische residu van een roestige spijker, of de magnetische handtekening van het ijzeren gereedschap dat de aarde omwoelde. Dit trekt hen aan. En wanneer ze daar zijn hebben ze voedsel nodig, dus eten ze mijn zaailingen op. Als ik ze in het compostvat gooi is de verstoring nog steeds in het slabed aanwezig, dus zij of andere slakken zullen er nog steeds naar toe getrokken worden. Maar wanneer ik de grond met koperen werktuigen bewerk heeft het een tegenovergesteld effect. Doordat koper geleidt laat het geen magnetisch residu achter, maar herstelt het juist breuken in het magnetische veld. Er is dan dus minder aanwezig dat slakken aantrekt. Ze zwerven door het gebied maar stoppen niet lang en hoeven dus niets te eten.

Dit zou wel eens een tipje van de sluier kunnen oplichten over de rol van tuinslakken. Als mijn denkwijze juist is dan spelen de slakken een belangrijke rol in de ecologie van de tuin. Ze vertegenwoordigen het sterk geleidende metaal koper terwijl ze de tuin doorkruisen, vergelijkbaar met gemotoriseerde grasmaaiers waarvan je verwacht dat ze het gazon kort houden. Ze helpen het land om weer met zichzelf in verbinding te komen door het gladstrijken van verstoringen in lijnen van het aardmagnetische veld. Het slijmspoor is hun visitekaartje. In mijn tuin laat ik hen nu dus rustig hun taak verrichten.

Ik ben niet wetenschappelijk onderlegd in één van de gebieden waar deze
veronderstellingen aan refereren en stel opmerkingen van mensen die dat wel zijn bijzonder op prijs. Ik kan bijvoorbeeld de overlevingswaarde van dit gedrag voor de slakken niet verklaren. Het valt ook niet te ontkennen dat ze bepaalde planten op het oog schijnen te hebben, wat een ander waardevol object van studie zou zijn. Het moet wel zo zijn dat ze gehoor geven aan extreem kleine veranderingen in het aardmagnetisch veld, maar dat lijkt ook geloofwaardig. Per slot van rekening werkt ook homeopathie met wetenschappelijk gezien onbetekenende hoeveelheden. Onderwijl ben ik dolblij dat de slakken mijn planten niet meer vernielen.

Door Jane Cobbald

Copyright 2001-2019 De Template Stichting, alle rechten voorbehouden.